© 2026 Getty Images
donderdag, 19 maart 2026 om 19:47
Het Formula E-team van Lola heeft een opmerkelijke prestatie geleverd door de volledig vernielde bolide van Zane Maloney te herbouwen voor de E-Prix van Madrid. De auto werd totaal loss verklaard na een zware crash van influencer Izzy Hammond tijdens het controversiële Evo Sessions-evenement op het Jeddah Corniche Circuit. De reparatiekosten bedragen naar schatting één miljoen euro.
De deelname van Zane Maloney aan de zesde ronde van het seizoen op het Circuito del Jarama hing lange tijd aan een zijden draadje. Het team uit het Duitse Kempten werkte tot het laatste moment in de garage aan de definitieve afwerking van de volledig herbouwde raceauto.
De schade ontstond tijdens het Evo Sessions-evenement in Saoedi-Arabië, waarbij tien influencers op snelheid mochten rijden over een van de gevaarlijkste circuits ter wereld. Izzy Hammond, dochter van voormalig Top Gear-presentator Richard Hammond, crashte zwaar met de bolide van Maloney. De impact werd gemeten op 25G. Hammond zelf kwam ongedeerd uit de wagen, maar de auto was compleet vernield.
Formula E Operations betaalt de rekening
De vraag waarom tien influencers toestemming kregen om met hoge snelheid te rijden op het Jeddah Corniche Circuit blijft voor grote frustratie zorgen in de paddock. Het incident zal naar verwachting nog lang een controversieel moment blijven in de geschiedenis van de elektrische raceklasse.
Op basis van de overeenkomst tussen de teams en de organisatie rond het Evo Sessions-evenement draagt Formula E Operations de herstelkosten. Teambaas Mark Preston bevestigt dat deze worden "afgehandeld op allerlei verschillende manieren". De totale schadepost bedraagt circa één miljoen euro.
Voor Lola kwam de pauze van vijf weken tussen de race in Jeddah en de E-Prix van Madrid als een geschenk uit de hemel. De tijd was simpelweg noodzakelijk om een volledig nieuwe auto op te bouwen. Preston legt uit dat het team er direct van uitging dat er niets te redden viel aan de beschadigde bolide.
Logistieke uitdaging vanuit drie landen
"Ik weet eigenlijk niet eens of er onderdelen te repareren waren. We gingen er gewoon van uit dat we alles moesten herstellen en vanaf nul moesten beginnen", vertelt Preston in gesprek met RacingNews365. "Als er iets te repareren was, gaat dat waarschijnlijk naar de reservevoorraad om de rest van het jaar te ondersteunen. Maar het plan was om gewoon een nieuwe auto te bouwen en dan uit te zoeken wat we met reserveonderdelen kunnen doen voor de rest van het seizoen."
Technische Realiteit: Waarom een 25G impact totaalverlies betekent
Een impact van 25G klinkt abstract, maar in Formula E is dat catastrofaal. De krachten bij zo'n crash zijn enorm: het equivalent van 25 keer het gewicht van de auto dat in milliseconden door de structuur trekt. Moderne Formula E-bolides zijn gebouwd rond een koolstofvezel monocoque die energie absorbeert bij crashes, maar dat is een eenmalige buffer. Eens beschadigd, is de structurele integriteit weg. Je kunt het vergelijken met een smartphone die op beton valt: van buiten zie je misschien alleen een barst, maar van binnen is de printplaat gescheurd.
Preston's beslissing om meteen een nieuwe auto te bouwen was geen voorzichtigheid. Bij zulke G-krachten ontstaan microbreuken in de composietstructuur die met het blote oog niet zichtbaar zijn. Repareren zou betekenen: röntgenscans, ultrasone testen, en zelfs dan blijft het gokken. In de hoogspanningsomgeving van Formula E, waar batterijpakketten van 600 volt door de auto lopen, is elke zwakke plek levensgevaarlijk. Het team had simpelweg geen keuze.
Wat de situatie extra pijnlijk maakt: Formula E-teams werken met strak gebudgetteerde onderdelen. Anders dan F1, waar topteams onbeperkte reserveonderdelen produceren, draait Formula E op kostenbeheersing. Yamaha levert de elektromotoren vanuit Japan, Spark Racing Technologies de gestandaardiseerde batterijen en chassis-elementen vanuit Frankrijk. Die toeleveringsketen is geoptimaliseerd voor normale slijtage, niet voor het vervangen van complete auto's halverwege het seizoen.
Precedent met gevolgen: Wanneer marketing de racerij overschaduwt
Evo Sessions was bedoeld als marketingstunt om Formula E dichter bij jonge fans te brengen. Tien influencers, waaronder Izzy Hammond met haar 200.000 Instagram-volgers, kregen de kans om in echte raceauto's te rijden op circuits waar normaal alleen professionals komen. Probleem? Het Jeddah Corniche Circuit staat bekend als een van de snelste en gevaarlijkste stratencircuits ter wereld. Met muren op centimeters van het asfalt en snelheden boven de 250 km/u in F1-configuratie is dit geen plek voor amateurs, zelfs niet in aangepaste Formula E-bolides.
De vraag die in de paddock broeit is simpel: wie dacht dat dit een goed idee was? Formula E Operations heeft de miljoen euro schade op zich genomen, maar dat lost het fundamentele probleem niet op. Teams als Lola opereren met krappe budgetten en kleine engineeringteams. Vijf weken herbouwtijd betekent dat personeel overuren draait, leveranciers spoed-bestellingen moeten uitvoeren, en het hele seizoen met verminderde reservevoorraad wordt gereden. Eén verkeerde inhaalactie of technisch defect later dit seizoen, en Maloney kan een race missen omdat de onderdelen er simpelweg niet zijn.
Preston's verklaring dat het team "geen interesse" heeft in toekomstige Evo Sessions zegt boekdelen. In de Formule-racerij, waar sponsorexposure goud waard is, weiger je zelden marketing-kansen. Dat Lola het nu wel doet? Dat signaleert hoe diep de frustratie zit. Het incident bewijst wat teams al jaren beweren: social media-bereik en racervaring zijn geen vervanging voor professionele training en risico-inschatting.
De herbouw werd verder bemoeilijkt doordat het verwoeste chassis problemen ondervond bij het verlaten van Saoedi-Arabië. Dit zorgde voor extra complicaties omdat het team moest gokken welke onderdelen nodig waren voordat ze de werkelijke staat van de auto konden beoordelen.
De benodigde componenten kwamen uit verschillende locaties. De thuisbasis in Kempten leverde een deel, technisch partner Yamaha stuurde onderdelen vanuit Japan en Spark Racing Technologies droeg bij vanuit Frankrijk. Deze geografische spreiding maakte de logistieke operatie nog complexer.
Geen interesse in toekomstige Evo Sessions
Preston beschrijft de uitdaging: "Er waren vertragingen met het chassis dat Jeddah verliet. Het team moest dus wat gissingen maken over wat er nodig was om de auto op het circuit te repareren, in te pakken en klaar te maken voor transport. We vlogen allemaal naar huis en het werd verder vertraagd. Totdat het in Kempten aankwam, konden we niet honderd procent zeker zijn: was er iets te redden? Was er iets te repareren? Konden we iets gebruiken?"
De teambaas vervolgt: "Op de achtergrond werkte het team uit welke reserveonderdelen van welke locaties kwamen, wat we al in Duitsland hadden, enzovoort. Het was dus een behoorlijke logistieke inspanning voor iedereen."
Naast de herbouw van Maloney's auto moeten de partners nu ook extra componenten produceren om voldoende reserveonderdelen beschikbaar te hebben voor de rest van het seizoen. Het team heeft na dit incident geen enkele interesse meer om deel te nemen aan toekomstige Evo Sessions-evenementen.
De succesvolle voltooiing van de herbouw toont de veerkracht en het technische vermogen van het relatief nieuwe Formula E-team. Maloney kan dit weekend gewoon van start gaan in Madrid, alsof er niets is gebeurd. Voor het team betekent het wel dat ze het restant van het seizoen met een dunnere reservevoorraad moeten werken.
❮ Vorig bericht | Volgend bericht ❯
Reacties