© 2026 Getty Images
zaterdag, 28 maart 2026 om 17:36
Scott McLaughlin is ongedeerd gebleven na een spectaculaire crash tijdens de tweede training op het circuit van Barber. De Nieuw-Zeelander schoot met hoge snelheid achteruit door de vangrail nadat zijn achterwiel het gras raakte. De Penske-coureur belandde halverwege de kettingafrastering, maar kon zelfstandig uit zijn auto klimmen.
Het incident gebeurde vlak voor het einde van de tweede vrije training op het wegcircuit in Alabama. McLaughlin verloor de controle over zijn Penske Chevrolet bij het aanremmen voor bocht 1, toen zijn rechterachterwiel het gras raakte. De auto werd met kracht naar achteren de grindbak in geslingerd.
De impact was zodanig dat de bolide over de grindbak scheerde en vervolgens dwars door de vangrail vloog, inclusief de kettingafrastering erachter. McLaughlin had zich al voorbereid op de klap toen zijn wagen tot stilstand kwam, half door het hek heen.
Coureur zelf verrast door milde afloop
Na een bezoek aan het medisch centrum kon McLaughlin zijn verhaal doen bij Fox Sports. "Ik wist dat het mis was toen ik dat rechterachterwiel verloor en ging spinnen, dus ik probeerde me alleen maar schrap te zetten voor de impact", vertelde de coureur.
De beelden van de crash zagen er angstaanjagend uit, maar McLaughlin benadrukte dat de werkelijkheid minder heftig was. "De crash zag er veel erger uit dan het voelde. Ik baal enorm voor het team, maar ik denk dat we dit ding kunnen repareren en weer kunnen aanvallen voor pole position."
Barber Motorsports Park: waar fouten genadeloos afgestraft worden
Het circuit in Alabama staat niet voor niets bekend als een van de technisch meest veeleisende ovals op de IndyCar-kalender. Die bijnaam verdient het wegcircuit vooral door de combinatie van snelle bochten en minimale uitloopzones. Waar moderne Formule 1-circuits vaak ruime grindbakken en TecPro-barriers hebben, moet je bij Barber oppassen. Eén wieltje naast het asfalt en je betaalt direct de prijs.
McLaughlin's crash bij bocht 1 illustreert precies dat probleem. Hij verloor grip toen zijn rechterachterwiel het gras raakte tijdens het remmen. Wat volgt is pure natuurkunde: op gras heb je geen tractie, dus de wagen draait zich om zijn as. Vervolgens gaat het achterwaarts de grindbak in, met alle gevolgen van dien. Opvallend is dat de vangrail het niet hield. Moderne barrières zijn ontworpen om energie te absorberen, maar een IndyCar weegt zo'n 730 kilo en haalt snelheden van meer dan 300 km/u. Bij een verkeerde hoek, zoals hier achterwaarts, kan zelfs de beste beveiliging bezwijken.
Interessant is McLaughlin's opmerking dat de crash er erger uitzag dan het voelde. Dat klopt vanuit technisch perspectief. De IndyCar-cockpit heeft sinds 2020 een aeroscreen, een soort halo-systeem dat extra bescherming biedt. Daarnaast zorgt de grindbak, hoe ineffectief ook in dit geval, wel voor vertraging voordat de wagen de barrier raakt. Die cruciale seconden maken het verschil tussen een harde klap en een levensgevaarlijke situatie.
De kunst van het openen van de apex: risico versus beloning
McLaughlin verklaarde dat hij probeerde de apex van bocht 1 meer te openen. Voor casual fans klinkt dat misschien technisch, maar het is een cruciale afweging die coureurs constant maken. Een geopende apex betekent dat je niet de binnenkant van de bocht aansnijdt, maar een ruimere lijn kiest. Voordeel? Je kunt meer snelheid meenemen en eerder gas geven richting het rechte stuk. Nadeel? Je hebt minder marge voor fouten.
In de IndyCar, waar de verschillen miniem zijn, gaat het om honderdsten. Teams en coureurs zoeken constant naar die extra tienden die het verschil maken tussen pole position en de vierde startrij. McLaughlin, een drievoudig kampioen uit de Australische Supercars en nu een gevestigde naam bij Team Penske, weet dat als geen ander. Zijn 12 IndyCar-overwinningen tot nu toe tonen aan dat hij risico's durft te nemen. Maar Barber vergeeft niets.
De schade aan de auto lijkt mee te vallen volgens McLaughlin zelf, maar dat moet nog blijken. Een IndyCar-chassis kost ongeveer 1,2 miljoen dollar, en elke crash betekent uren werk voor de monteurs. Zelfs als de monocoque intact is, kunnen verborgen scheurtjes of beschadigingen aan de ophanging een auto onveilig maken. Team Penske heeft de middelen om dit te repareren, maar de vraag is of ze dat tijdig voor de kwalificatie kunnen doen. En daar zit hem de crux: een gemiste kwalificatie betekent achteraan starten, en op Barber is inhalen een nachtmerrie.
Fout bij openen apex wordt duur betaald
McLaughlin legde uit hoe de fout ontstond. "Ik liet dat rechterachterwiel zakken en vloog achteruit weg. Voor ik het wist zat ik halverwege door het hek. Ik ben teleurgesteld voor het team, maar door de manier waarop de auto door de barriers gleed, valt de schade misschien mee."
De coureur nam de volledige verantwoordelijkheid voor het incident. "Het was een kleine misrekening van mijn kant. Ik probeerde de apex van bocht 1 wat meer te openen, maar dit is geen lachertje. Het is een fout en ik moet het beter doen. Hopelijk kunnen we weer naar buiten en laten we zien wat we kunnen."
Het herstelteam ging direct aan de slag om de auto uit de vangrail te bevrijden. De schade aan zowel de wagen als de barrière moest worden beoordeeld voordat McLaughlin weer de baan op kon. De Nieuw-Zeelander bleef ondanks de harde klap optimistisch over zijn kansen voor de rest van het weekend op Barber.
De crash onderstreept de risico's van het uitdagende circuit in Alabama, waar coureurs weinig ruimte voor fouten hebben. McLaughlin hoopt dat zijn team de auto tijdig kan repareren om deel te nemen aan de kwalificatie.
❮ Vorig bericht | Volgend bericht ❯
Reacties