© 2026 Getty Images
vrijdag, 27 februari 2026 om 08:21
Twee autogiganten maken dit seizoen hun debuut in de Formule 1, maar de weg naar de grid had niet verschillender kunnen zijn. Audi nam het bestaande Sauber-team over, terwijl Cadillac een volledig nieuw team opbouwde vanuit het niets. Beide hebben dezelfde ambitie: wereldkampioen worden. Maar hoe realistisch is dat op korte termijn?
De komst van Audi en Cadillac naar de Formule 1 markeert een historisch moment. Voor het eerst in jaren verwelkomt de koningsklasse van de autosport twee fabrikanten tegelijk, beide aangetrokken door de nieuwe hybride motorreglementen die dit jaar van kracht werden. Voor beide concerns is het een marketingkans om hun elektrificatie-ambities te etaleren.
Maar daar houdt de vergelijking grotendeels op. Audi koos voor de veilige route door het Zwitserse Sauber-team over te nemen, inclusief fabrieken, personeel en infrastructuur. Cadillac daarentegen begon letterlijk met een leeg vel papier en moest binnen recordtijd een volledig F1-team uit de grond stampen.
Audi's turbulente transformatie
Toen Audi in augustus 2022 zijn F1-plannen aankondigde, leek het een logische stap. Het merk had immers al dertien keer de 24 uur van Le Mans gewonnen en een rijke racinghistorie. Toch verliep de start allesbehalve soepel.
De eerste twee jaar investeerde Audi te weinig en te laat in het project. Sauber bleef achterop hinken in de ontwikkeling, wat midden 2024 leidde tot het ontslag van CEO Andreas Seidl. Hij had zijn functie als teambaas van McLaren opgegeven voor deze rol, maar kon het tij niet keren.
De vervanging door een dubbele managementstructuur bracht eindelijk beweging. Mattia Binotto, voormalig teambaas van Ferrari, kreeg de leiding over de fabrieken in Hinwil en Neuberg. Jonathan Wheatley, weggekaapt bij Red Bull waar hij sportief directeur was, nam de operationele leiding op het circuit.
Die wijziging had effect. In 2025 maakte Sauber eindelijk progressie, culminerend in het langverwachte podium van Nico Hulkenberg tijdens de Grand Prix van Groot-Brittannië. Na 239 races stond de Duitser eindelijk tussen de beste drie.
Bescheiden start met grote ambities
Wheatley toonde zich bij de teampresentatie dit jaar tegelijk nederig en ambitieus. "We willen van Audi het meest succesvolle F1-team uit de geschiedenis maken," verklaarde hij. "We zijn bescheiden. We weten waar we starten en waar we naartoe willen."
Die startpositie is veelbelovend. Het team presenteerde als eerste zijn auto volgens de nieuwe reglementen en bracht al een aerodynamische update tijdens de laatste testdagen in Bahrein. Qua snelheid lijkt Audi zich in het middenveld te bevinden, samen met Haas, Alpine en Racing Bulls.
Hulkenberg temperde echter de verwachtingen. "Het is nog speculatie," zei de ervaren coureur vorige week. "We weten het pas echt na Melbourne en zelfs dan nog een paar races verder. Het kan erg circuitafhankelijk zijn hoe ons pakket presteert."
De Duitser benadrukte dat vooral de motorafdeling nog veel werk te verzetten heeft. Dit is het eerste seizoen met de zelfgebouwde Audi-motor, een enorme uitdaging voor de nieuwe afdeling in Neuberg.
Cadillac's missie onmogelijk
Waar Audi kon bouwen op bestaande structuren, stond Cadillac voor een bijna onmogelijke opgave. Teambaas Graeme Lowdon, voormalig kopstuk bij het Virgin/Manor/Marussia-team, vergeleek het project zelfs met het Apollo-ruimtevaartprogramma.
Motorleveranciers als gamechanger: waarom timing alles is
De keuze tussen een klantenmotor en eigen krachtbron bepaalt vaak het lot van een F1-team. Audi's besluit om direct met een eigen motor te starten lijkt ambitieus, maar de geschiedenis leert dat dit een tweesnijdend zwaard is. Kijk naar Honda's terugkeer in 2015 met McLaren: drie rampzalige seizoenen voordat de motor competitief werd. Pas bij Red Bull, vier jaar later, kwam de doorbraak met uiteindelijk zeventien overwinningen tussen 2019 en 2021.
Cadillac kiest voorlopig voor Ferrari-power, dezelfde motor die momenteel in Haas en Sauber ligt. Dat geeft direct een benchmark. Presteert Cadillac slechter dan deze teams, dan ligt het probleem bij chassis en aerodynamica, niet bij de motor. Een luxe die Audi niet heeft. Elke tegenvaller kan motorisch of chassis-gerelateerd zijn, wat het ontwikkelingsproces enorm compliceert.
De cijfers onderstrepen dit risico. Van de huidige vier motorleveranciers wonnen alleen Mercedes en Ferrari titels in het hybride tijdperk sinds 2014. Renault scoorde nul overwinningen als fabrieksteam tussen 2016 en 2020, ondanks volledige controle over motor en chassis. Pas als Red Bull-leverancier volgden successen. Het ontwikkelen van een competitieve krachtbron vergt gemiddeld drie tot vier seizoenen, een termijn die Audi's vijfjarenplan realistisch maakt, maar ook kwetsbaar.
De ervaring van Bottas en Pérez: luxe of noodzaak?
Cadillac's coureurskeuze oogt conservatief, maar is strategisch briljant. Bottas brengt 67 podiums mee, Pérez 39. Samen staan ze voor 106 podiumfinishes en zestien overwinningen, een schat aan data en ervaring. Vergelijk dat met Haas in 2016, dat startte met Romain Grosjean (tien podiums) en Esteban Gutiérrez (nul podiums). Resultaat? Eén achtste plaats als beste finish.
Wat maakt ervaring zo cruciaal voor een nieuw team? Een gevestigde coureur herkent direct of een auto fundamenteel traag is of dat setup en ontwikkeling het probleem vormen. Bottas maakte bij Sauber in 2013 de transformatie mee van achterblijver naar puntenfinisher, precies de kennis die Cadillac nu nodig heeft. Pérez overleefde drie teams (Sauber, McLaren, Force India) en weet hoe je met beperkte middelen resultaten boekt.
Opvallend genoeg koos Audi voor Hulkenberg, een coureur die tot vorig jaar 239 races zonder podium reed. Dat eerste podium in Silverstone kwam na twaalf jaar wachten. Toch is deze keuze logisch: Hulkenberg kent Sauber door en door, reed er in 2013 en brengt continuïteit. Zijn teamgenoot Gabriel Bortoleto is daarentegen volledig nieuw in F1. Die combinatie werkt alleen als het team stabiel is, iets wat Audi's turbulente aanloop juist niet was.
"We sturen geen man naar de maan, maar soms voelt het wel zo," gaf Lowdon toe. De uitdaging was inderdaad astronomisch: binnen twee jaar een compleet F1-team opzetten, inclusief chassis, aerodynamica en alle benodigde infrastructuur.
De politieke strijd maakte het er niet makkelijker op. Aanvankelijk heette het project Andretti, maar oprichter Michael Andretti's aanpak stuitte op verzet binnen de F1-paddock. Ondanks goedkeuring van de FIA in oktober 2023, wees de Formule 1 zelf het team in januari 2024 af.
Pas na een grondige herstructurering, waarbij Michael Andretti zich terugtrok en General Motors prominenter op de voorgrond trad, kwam er schot in de zaak. De toezegging om vanaf 2029 een eigen motor te bouwen en een onderzoek door het Amerikaanse ministerie van Justitie hielpen uiteindelijk om in maart vorig jaar de definitieve goedkeuring te krijgen.
Opbouw tegen de klok
Terwijl de politieke strijd woedde, moest technisch directeur Nick Chester al beginnen met het samenstellen van een team. Hij startte in maart 2023 en bouwde een organisatie van 600 medewerkers op, verspreid over zes gebouwen bij Silverstone en twee locaties in de Verenigde Staten.
Die spreiding over continenten vereist een platte managementstructuur met directe communicatie tussen ingenieurs in Engeland en Amerika. Lowdon benadrukte dat peer-to-peer interactie essentieel is voor het succes.
De verwachtingen zijn realistisch. Cadillac gaat er openlijk vanuit dat ze dit seizoen als laatste zullen eindigen. "Stel je voor dat je tien jaar een F1-team hebt gehad en dan komt er een nieuw team dat je verslaat," redeneerde Lowdon. "Je zou woedend zijn. Dus moet je ervan uitgaan dat elk nieuw team als laatste eindigt."
Toch lijkt zelfs die bescheiden doelstelling niet gegarandeerd. Aston Martin verkeert in zo'n diepe crisis dat het een open vraag is wie in Melbourne langzamer zal zijn. Voor Aston Martin zou dat een ramp betekenen, voor Cadillac past het bij het plan.
Twee wegen naar hetzelfde doel
Met Valtteri Bottas en Sergio Pérez heeft Cadillac twee ervaren coureurs aan boord die samen honderden races hebben gereden. Die ervaring is cruciaal voor een team dat nog moet leren functioneren als een F1-organisatie.
"We zijn extreem blij met het team en het platform dat we bouwen," concludeerde Lowdon. "We kunnen niet wachten op Melbourne." Die enthousiasme deelt hij met zijn collega's bij Audi, zij het vanuit een totaal andere uitgangspositie.
Beide teams mikken op het wereldkampioenschap, maar beseffen dat de weg daarnaartoe lang is. Audi stelde zichzelf een termijn van vijf jaar om mee te kunnen strijden om titels. Cadillac was minder specifiek, maar CEO Dan Towriss sprak over "grenzeloze ambities" ondanks de "ontmoedigende uitdaging."
De komende maanden zullen uitwijzen welke aanpak effectiever blijkt: Audi's overname van een bestaand team of Cadillac's sprong in het diepe. Wat vaststaat is dat beide autogiganten de Formule 1 verrijken met extra competitie en investeringen, precies wat de sport nodig heeft in het nieuwe tijdperk.
❮ Vorig bericht | Volgend bericht ❯
Reacties